Kangaroo Island, Australië

Nadat we genoten hadden van het vele wildlife in het Grampians National Park hebben we onze reis vervolgd richting Kangaroo Island. Omdat het nog heel wat kilometers rijden was hebben we een nacht overnacht in Victor Harbor in het Anchorage Seafront Hotel. Victor Harbor is een klein plaatsje in South Australia wat vooral erg geliefd is bij inwoners van Adelaide om de zomervakantie door te brengen. Vanuit onze kamer hadden we inderdaad zoals de naam van het hotel al zegt zeezicht.Vanuit Victor Harbor is Granite Island via een brug lopends of met een paardentram te bereiken. Vanaf het eiland heb je kans om van mei tot oktober walvissen te spotten. Het hele jaar heb je de kans om dolfijnen, zeeleeuwen en pinguïns te zien. Het eiland is rond te lopen doormiddel van een route te volgen van 4,5 km. Wij hebben tijdens de wandeling helaas geen beesten gespot.

Kangaroo Island

Kangaroo Island is het derde grootste eiland van Australië en ligt 112 km ten zuidwesten van Adelaide. Om het eiland van 4,405 km2 te bereiken moesten we 45 min met de Sealink Ferry. Kangaroo Island is onderverdeeld in 7 gebieden met elk zijn eigen toeristische attracties en staat naast uiteraard kangoeroes bekend om de honing- en bijenproducten en de eucalyptus- en emoeolie producten. Het eiland kent maar een paar verharde wegen welke de plaatsen verbind verder zijn alle wegen onverhard en moet je overal goed oppassen voor overstekend wild. Toen wij aankwamen op het eiland regende het al de hele ochtend erg hard. Gelukkig hadden we nog wat dagen te gaan voordat we terug moesten naar het vaste land.

Penneshaw, Dudley Peninsula en American River

Met de ferry kwamen we aan in de plaats Penneshaw in het gebied Dudley Peninsula. Dit is het meest oostelijke gebied van het eiland en hier kun je Cape Willoughby bezoeken een vuurtoren waar je omhoog kunt klimmen om van het uitzicht te genieten. American River grenst aan Dudley en heeft een paar hotels maar verder heeft het plaatsje niet erg veel te bieden. Wij verbleven 3 dagen op dit mooie eiland in American River in Mercure Kangaroo Island Lodge. Achter het hotel lag een bos waar je overdag vogels kan spotten. Wij gingen een nachtwandeling maken en gingen hier het bos in.
Nadat we in het donker een rondje hadden gelopen en een echidna (mierenegel) waren tegen gekomen kwamen we er achter dat dit niet de route was die we moesten lopen en dat je officieel ’s avonds dit bos niet in mag. De officiële route liep langs de weg om possums (buidelratten) te zien. Wij kwamen alleen erg veel hele kleine wallaby’s tegen en helaas geen buidelratten.

Kingscote en North Coast

Kingscote is de grootste plaats van het eiland en ook de plek waar het meeste te doen is. Hier vind je de meeste restaurantjes en een supermarkt. Elke avond om 17.00u worden er pelikanen gevoerd (dit is een erg langdradig en gemaakte show, wij zien beesten toch liever echt in het wild) en er leven pinguïns rondom de pier bij Kingscote. Zoals ik al eerder zei leeft het eiland van eucalyptus en emoeolie producten. Wij hebben de Emu Ridge Eucalyptus Farm bezocht waar we een filmpje te zien kregen wat ze zoal doen en hoe dit vroeger ging. Ze maken erg veel producten en de meeste kon je ook proberen, denk hierbij aan zalfjes, zeep, snoepjes, shampoos en nog veel meer. De noordkust is de rustige kant van het eiland en deze kant zit dan ook vol met stranden waar je kunt zwemmen. Toen wij er waren was het water erg koud en we hebben geen idee of dit normaal warmer is anders lijkt zwemmen ons er toch niet erg aangenaam.

Kangaroo Island vanaf Prospect Hill

Kangaroo Island vanaf Prospect Hill

South Coast

Aan de zuidkant van het eiland liggen veel toeristische attracties. Zo hebben wij Seal Bay bezocht. Je kunt hier of met een gids mee het strand op om tussen de zeeleeuwenkolonie te lopen of je gaat zelf over een border lopen en je ziet de zeeleeuwen van iets meer afstand op het strand. Wij hebben het laatste gedaan en het was aardig druk met zeeleeuwen op het strand. De volgende bezienswaardigheid waar wij geweest zijn is Little Sahara. Dit is een hele grote zandbult wat lijkt op de Sahara. Hier kun je sandboarden of gewoon een kijkje gaan nemen. Het is bijna onmogelijk om boven op de bult te komen omdat je steeds verder weg zakt, ongeveer tot je knieën, in het mulle zand. Je hebt ook nog de mogelijkheid om een kijkje te nemen in de Kelly Hill Caves. Wij hebben alleen rondom de grotten gewandeld maar zijn wegens tijdgebrek niet naar binnen geweest.

Flinders Chase National Park

De mooiste plek op het eiland vonden wij aan de westkant het Flinders Chase National Park. Het National Park heeft een grootte van 328 km² en is vernoemd naar Matthew Flinders een kapitein die het grootste gedeelte van Zuid Australië heeft ontdekt. Wij gingen extra vroeg naar het park toe omdat we gingen wandelen. Op het hele eiland wordt je gewaarschuwd voor het wild en overstekende kangoeroes en wallaby’s. Wij moesten eerder ook al verschillende keren hard in de remmen. Toen wij ’s ochtends vroeg richting Flinders Chase NP reden kwam er opeens een hele grote kangoeroe uit de bosjes en deze was in twee sprongen bij ons. Arjan kon nog iets uitwijken maar we hadden toch een botsing en de kangoeroe raakte ons vol in de zijkant. De kangoeroe was wat door elkaar geschud (whiplash) maar vervolgde wel zijn weg en wij hadden een beste deuk in de auto en vervolgden ook onze weg, kunnen we in ieder geval zeggen dat we met een kangoeroe ‘gebokst’ hebben. Gelukkig staat het hele gebeuren ook nog eens op de dashcam. Toen we aankwamen bij het national park hebben we onze wandelschoenen aangedaan en zijn we naar Platypus Waterhole gelopen. Dit is een van de weinige plekken op de aarde om nog vogelbekdieren te zien. We hebben hier erg stil en rustig rondgelopen en gewacht maar helaas niets gezien. Het was erg droog en het water stond laag waardoor ze waarschijnlijk niet op deze plek zaten. Na een wandeling van 3 uur door een bijna droog moeras en een bos zijn we met de auto verder het park in gereden. Hier vind je de Remarkable Rocks een groep rotsen door erosie in aparte vormen gesleten. De tweede bezienswaardigheid die je hier vind is de Admiral Arch een natuurlijke boog in rotsen. Op de rotsen rondom de Admiral Arch liggen vele Nieuw-Zeelandse zeeberen te zonnen en te spelen.

Wij hebben genoten op Kangaroo Island en vinden het een echte aanrader. Er is veel te zien op het eiland alleen de afstanden zijn erg groot. Toen wij op het eiland waren was het aardig rustig waardoor we soms uren niemand tegen kwamen op de lange wegen. Er zijn niet veel verharde wegen op het eiland wat het rijden soms wat lastig (wel leuker) maakt omdat je niet met elke huurauto onverhard mag rijden. Let hier goed op wanneer je plannen hebt om Kangaroo Island te bezoeken. Vooral Flinders Chase National Park is een mooi gebied waar je als je goed oplet koala’s in de bomen vlak boven je en goannas op de grond ziet zitten en met veel geluk een vogelbekdier. Wanneer je over de wegen rijd moet je extra goed opletten op overstekende wallaby’s en kangoeroes want voor je het weet heb je er een voor, onder of tegen je auto aan zitten. Er worden veel dagtours aangeboden maar je hebt zeker 3 dagen nodig om alles op het eiland goed te bekijken en zelf rijden is natuurlijk veel leuker.

2 Comments

  1. Ite

    Terwijl wij kangaroes zou aandoenlijk vinden, jullie snappen nu dus ook waarom Aussies er niet zo weg van zijn 🙂

  2. Marcella

    Gaaaf, die foto van alle pelikanen! Maar wel een schrik joh, zo’n beest vol tegen je auto.

Comments are closed.